Posts tonen met het label grenzen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label grenzen. Alle posts tonen

dinsdag 16 juni 2015

Gezinsrevalidatie

Na mijn tranendal-blog van de vorige keer duurde het lang voor ik weer de behoefte voelde mijn ervaringen en gevoelens met een groter publiek te delen. Deels omdat ik me een beetje schaamde voor mijn gedrag, deels omdat ik sommige dingen toch graag privé houd. En dan is het niet handig om met een boos hoofd te gaan bloggen.

De afgelopen weken waren niet zonder strijd of traan. Verandering is nooit eenvoudig en roept altijd verzet op. En toch was verandering noodzakelijk. Niet van mensen, wel van taken. Dat vooral de pubers hier niet zomaar in meegingen is heel begrijpelijk maar was tegelijkertijd ook zeer ergerlijk. De grote valkuil bleek voor mij het niet zielig willen doen waardoor ik meer leek te kunnen hebben dan ik daadwerkelijk kon. Hierdoor liepen meningsverschillen over wat ze welen niet zelf hoeven te doen al snel uit op machts-  en krachtsstrijd. Dodelijk vermoeiend en zwaar levensvreugd bedervend.
En ook tussen manlief en mij heerste er ongemakkelijkheid. Dit dan weer niet uit machtsstrijd en meningsverschillen maar meer uit voor elkaar denken. Ook de  ander niet willen kwetsen of  overvragen en dus erg veel zwijgen bleek een valstrik. Hoewel goedbedoeld deed het de onderlinge verstandhouding meer kwaad dan goed.

Gelukkig hebben we regelmatig afspraken met maatschappelijk werk. Het heeft me erg geholpen toch de confrontatie aan te gaan met de jongens en hardop te zeggen wat ze eigenlijk wel wisten. Misschien dat het nog iets beter met me gaat gaan, maar zoals het was zal het nooit meer worden en het is ook niet de bedoeling dat het ooit weer zo gaat worden. Hun takenpakket wordt uitgebreid om het mijne te verlichten of ze het nou leuk vinden of niet.
Het heeft me ook geholpen te blijven communiceren met manlief over wat me wel lukt en wat niet zonder dat hij zich geroepen voelt dat wat niet lukt direct over te nemen. (En dan te chagrijnen omdat ook hij het niet ‘even’ kan doen) Hierdoor voelt het alsof er meer ruimte is te mogen mislukken en dus ruimte om uit te proberen. En daarmee ruimte om te groeien.


We zijn er nog lang niet. Ik ben er nog lang niet. Ons gezin is er nog lang niet maar het voelt niet meer alsof alles pas weer goed is als het weer precies zo is als het was voor mijn infarct. Ik revalideer en mijn mannen revalideren mee.

vrijdag 13 december 2013

De grens van het betamelijke

Het is een gegeven dat de meeste humor balanceert op het randje van het betamelijke. Dat is tegenwoordig zo. Dat was vroeger zo. En dat zal altijd wel zo zijn. In de hoogtij dagen van Wim Kan gniffelde men stiekem in het vuistje over zijn politieke grappen. Tegelijkertijd lachte men enigszins besmuikt over de stalmeester van Wim Sonneveld. De grenzen van het betamelijke werden langzaam en beetje opgerekt.
Vele cabaretiers na hen volgden dit voorbeeld. Voorzichtig het dunne lijntje van het geldende fatsoen oppakken, een beetje in beweging zetten en weer voorzichtig neerleggen. Tot het moment dat deze humor als oubollig werd weggezet. Humor moest rocken! Humor moest choqueren! Humor moest de  hersendode massa tot nadenken stemmen! Grenzen werden niet alleen opgerekt. Ze werden met voeten getreden. Er mocht gevloekt worden en er moest gescholden worden. Humor was maatschappijkritisch, anders was het geen humor.

Deze manier van humor bedrijven is natuurlijk de afgelopen decennia volledig geëvolueerd. Dankzij Hans Teeuwen en Theo Maassen mag keiharde humor. Scherp, op de man en vooral taboedoorbrekend en heilige huisjes slopend. Wie deze humor niet kan waarderen, te specifiek vindt, grensoverschrijdend, kwetsend of beledigend, is een humorloze trut. Niet van deze tijd. Oubollig en belegen. Deze humor is nu. Want we hebben vrijheid van meningsuiting. En daar mag je geen gebruik van maken, nee dat moet je. Want je moet tot de hersenloze massa doordringen en dat lukt alleen met de botte bijl.

Al decennia lang wordt ons door humor een spiegel voor gehouden. Er wordt ons getoond waar onze grenzen liggen. Waar taboes heersen. Wat onze heilige huisjes zijn. En er is een stroming cabaretiers die dit doet door er overheen te walsen. Alle huisjes met de grond gelijk te maken. Alle taboes tot en met de wortel uit de grond rukken en in ons gezicht smijten. En daar lachen we met z’n allen om. Want wij zijn geen humorloze generatie. Wij laten ons de mond niet snoeren door zogenaamd fatsoen. Wij laten ons door niemand vertellen wat we wel of niet leuk mogen vinden, mogen zeggen of welke grens we ongemoeid moeten laten. Wij hebben namelijk vrijheid!

En tegelijkertijd vinden we het gek dat een man als Gordon geen enkel fatsoen blijkt te hebben en kritiek van tafel veegt omdat het volgens hem onder de noemer humor valt. Hij moest er toch om lachen? Dan is het gewoon een grapje en moet je niet zeuren als iemand zich beledigd voelt. Dat ligt niet aan de maker van het grapje, dat ligt aan de humorloosheid van de zeikende, zogenaamd gekwetste massa.