Het zaal licht dempt. Een oude man schuifelt met stramme
benen het podium op. Het podium is leeg op een kleine kring van lampen met in
het midden een microfoonstandaard na. De man gaat achter de microfoon staan,
plugt zijn gitaar in en werpt een blik in de zaal. Zijn ogen twinkelen. “This
place is huge!” klinkt het in een onvervalst knauwend Amerikaans accent.
Hij slaat een akkoord aan, draait nog even aan wat stemknoppen
tot hij tevreden is. Hij tikt op het scherm van de tablet die aan de
microfoonstandaard is bevestigd.
Hij zet zijn eerste nummer in. Ik hoop met heel mijn
hart dat zijn stem nog niet helemaal warm is, anders gaat dit een heel lange
avond worden.
Aan het eind van het nummer is mijn twijfel als sneeuw
voor de zon verdwenen. Hij kan het nog steeds. Zijn stem werkt nog prima.
Misschien dat er hier en daar wat hoge noten verdwenen zijn maar ze missen geen
moment.
We wisten van te voren dat het een gok was. Naar een akoestisch
optreden van een man die we kunnen van stevige countryblues. John Hiatt stelde
absoluut niet teleur. Anderhalf uur enkel een man en zijn gitaar op het podium
verveelde geen moment. De songs stonden als een huis en werden met vuur en
passie gebracht. Soms groots, soms heel klein, maar altijd raak en ontroerend. En bij 'Feels Like Rain' zelfs tot tranen aan toe.
ik hoop van harte dat deze afscheidstournee word opgenomen en uitgebracht. Het
zou prachtig contrasteren met het ‘Hiatt comes alive at the Budokan?’.

.jpg)




